Boreas: God van de Noordenwind en Winterstormen
Boreas was de Griekse god van de Noordenwind, de krachtigste en gevaarlijkste van de vier windgoden (Anemoi), die in de Griekse mythologie de vier hoofdrichtingen van de wind vertegenwoordigden. Waar zijn broer Zephyrus de zachte en gunstige Westenwind was die de lente aankondigde, was Boreas de ijzige adem van de winter die van de bergen van Thracië in het noorden blies.
Introductie
Boreas was de Griekse god van de Noordenwind, de krachtigste en gevaarlijkste van de vier windgoden (Anemoi), die in de Griekse mythologie de vier hoofdrichtingen van de wind vertegenwoordigden. Waar zijn broer Zephyrus de zachte en gunstige Westenwind was die de lente aankondigde, was Boreas de ijzige adem van de winter die van de bergen van Thracië in het noorden blies.
Boreas was een van de meest prominente van de windgoden in de Griekse religie, zeker populairder dan zijn andere broers. De Atheners hadden een bijzondere reden hem te vereren: hij werd beschouwd als een soort beschermheer van Athene na het vernietigen van de Perzische vloot bij Artemisium in 480 v.Chr., een dienst die de Atheners naar traditie beloonden met een heiligdom en jaarlijkse offers.
De Ontvoering van Oreithyia
De bekendste mythe over Boreas betreft zijn liefde voor Oreithyia, dochter van Erechtheus, de mythische koning van Athene. Boreas had lange tijd eerbaar gefreied naar de Atheense prinses, maar haar vader weigerde de verbintenis te erkennen.
Ten slotte, zijn geduld kwijt, handelde Boreas op zijn eigen manier: terwijl Oreithyia aan de oevers van de Ilissos rivier speelde, wentelde hij zijn wolkengewaden om haar heen, greep haar op in zijn armen en voerde haar mee naar zijn thuisbasis in Thracië. Uit hun verbintenis werden geboren de gevleugelde tweelingen Zetes en Calais, die later deelnamen aan de expeditie van de Argonauten.
De ontvoering van Oreithyia gaf de Atheners een bijzondere aanspraak op de gunst van Boreas: hij was de schoonzoon van hun mythische koning, en hij had dus een familieverplichting om Athene te beschermen. Dit theologische argument werd actief ingezet tijdens de Perzische Oorlogen.
Boreas en de Perzische Oorlogen
Het meest concrete historische bewijs voor de verering van Boreas in Athene komt uit de Perzische Oorlogen. Toen de Perzische vloot van Xerxes naderde in 480 v.Chr., bad de Atheense vloot tot Boreas om hulp. Inderdaad, een zware storm — toegeschreven aan Boreas — verwoestte grote delen van de Perzische vloot bij Kaap Sepias en later bij Artemisium.
De Atheners schreven dit toe aan Boreas' directe interventie uit familieplichtsgevoel, en na de succesvolle afloop van de Perzische Oorlogen bouwden ze hem een heiligdom aan de rivier de Ilissos en vierden jaarlijkse offers in zijn eer. Dit maakte Boreas tot een van de zeldzame mythologische windgoden met een actieve cultus in een grote Griekse stad.
Mythologische Betekenis
Boreas belichaamt in de Griekse kosmologie de ambivalente kracht van de winter: vernietigend en gevaarlijk, maar ook reinigend en noodzakelijk. Als de noordelijke wind die de kou bracht, was hij verantwoordelijk voor het bevriezen van de grond en het bemoeilijken van de landbouw, maar ook voor het verdrijven van de hitte van de zomer en het zuiveren van de lucht.
In de iconografie werd Boreas gewoonlijk afgebeeld als een gespierde oude man met witte vleugels en wapperende gewaden, zijn haar en baard waaiend in zijn eigen wind. Soms werd hij afgebeeld terwijl hij de paardenvorm aannam: hij werd gezegd de paarden van de Trojanen te hebben bevrucht, producerende de snelste paarden van de wereld.